Op weg naar Varanassi




We gaan naar Varanassi. Met de nachttrein. Maar eerst nog wat eten in een tuin met een kortgeschoren grasmat. De eerste gedacht is, “ waar is de bal “ In het wit geklede Indiase lakeien bedienen ons en brengen de heerlijkste hapjes. Partijtje? Wil ik vragen.


Genieten van het bestaan. Tussen al de ellende zijn we even neergestreken in de tuin van Eden. We hebben echter na later blijkt één kapitale fout gemaakt. De rickshawrider die ons naar de trein zal brengen is de enige rickshawrider in de buurt en dat weet hij. Dat verschaft hem een monopoliepositie.


We hebben aan het eind van het diner geen tijd meer om een andere rickshawrider te bellen dus we zijn overgeleverd aan deze rickshawrider. Hij komt zelf ook lekker laat. Kortom hij zit in een ideale onderhandelingspositie. De tuin van Eden is direct een hel. De andere kant van het bestaan als reiziger hier. We moeten een veel te hoge prijs betalen voor het ritje naar het station en kunnen er niets aan doen. Een enorme woede maakt zich van me meester en ik kan me heel moeilijk in houden. We komen niet op het idee om de trein te laten lopen en pas morgen te gaan maar dat is eigenlijk ook geen optie. Dus gewoon ademhalen en weer rustig worden, dat is de opdracht. Op het station is het niet duidelijk of onze trein op perron één of vier staat. Navragen helpt niet want de Indiase stationsmanager doet weer eens geen ja geen nee. Ik loop wat rond om meer informatie te krijgen maar krijg die niet. Intussen ligt en staat perron één, vol met mensen, jute zakken, pakketten en honden. De geur is weer van een andere wereld.


Daar komt de trein op perron één aan. Ik vraag aan een rennende Indiër “ Is that the train to Varanassi? “ No, gilt de Indiër in volle sprint, op weg naar de trein die even later wel naar Varanassi blijkt te gaan. Ik begrijp zijn haast als ik in de trein sta. Op goed geluk probeer ik een wagon binnen te lopen maar in de trein naar Varanassi staat een file van drie kilometer. We reizen deze keer tweede klas maar hebben gereserveerde bedden. Dat lost niet zo veel op.


Mijn vriend Peter staat ondertussen nog vol ongeloof buiten. Hij kijkt alsof hij voor het eerst een heel vreemd beest ziet. Dat is het soms. India is soms een heel vreemd beest. Hij lijkt niet te begrijpen dat we ons in deze massa moeten begeven.


Inmiddels ga ik op zoek naar onze gereserveerde bedden. Die zijn bezet. Langzaam wordt duidelijk dat er een niet zo makkelijke treinreis gaat af tekenen. Peter en Esther zijn inmiddels ook binnen en proberen wat Indiërs van hun bedden te krijgen. Er zijn drie bedden boven elkaar. Esther gaat voor de veiligheid boven liggen, ik lig op het middelste bed en onder ligt Peter. Als je op het onderste bed ligt heb je het slecht. Ik zie Peter niet want een stuk of tien Indiërs zitten op zijn bed. Ik neem aan dat hij daar achter ligt. Soms zie ik even een glimp van hem, hij blijft stoïcijns liggen. Zijn gezicht staat op ongeluk. Ik moet tot mijn schande bekennen dat ik me te slecht voel om een ruil aan te bieden. Ik overweeg het nog wel maar biedt het niet aan. Tegenover ons arriveert een Indiase militair met zijn vrouw en kinderen. Visioenen van jankende kinderen in een slapeloze nacht doemen op. De trein vertrekt maar om de vijf minuten staan we een kwartier stil. Ik voel me steeds minder lekker en val soms en beetje in een roes weg. De verkeerde roes. De nacht kom ik door met waken, woelen, slapen. Het wordt steeds warmer in de trein en samen met de combinatie met nog nooit geroken geuren doen mijn maag pijn. Ik haal de ochtend en ben blij als ik eindelijk kan zitten. De Indiërs op het bed van Peter zijn inmiddels weg. Mijn Zwitserse zakmes ook. Het mes waarover ik zo hoog heb opgegeven. Mijn redder in nood. Zesendertig functies verenigt in één mes. Roestvrij stalen zekerheid. Mijn wapen. Mijn opener, mijn schroevendraaier. Alles weg. Peter zijn schoenen ook. Weg. Hij had ze vastgebonden aan zijn bed. Losgesneden. Met mijn mes. Hij accepteert het gelaten. Ik nu ook. Het heeft geen zin energie te verspillen aan je ergeren, je moet de energie anders gebruiken. Sparen voor later.


NUHR travel

> De Blote Basten
> Mr. Gufo
> Damascus I
> Damascus II
> Rond de Taj Mahal
> Fathepuhrsikri
> Agra
> Eerste keer Azië
> Keihard naar Indonesë
> Jammu Machid
> Rode Fort
> Op weg naar Varanassi

Binnenkort meer!